De productie van de Škoda Felicia begon op 17 oktober 1994 in Mladá Boleslav. De opvolger van de Favorit werd 25 jaar geleden het eerste model dat de Tsjechische autobouwer ontwikkelde onder de paraplu van de Volkswagen-groep. De Felicia was succesvol in de autosport en werd ook heel goed ontvangen door de klanten: tegen 2001 hadden de fabrieken van Mladá Boleslav, Kvasiny en Vrchlabí meer dan 1,4 miljoen exemplaren van deze modelfamilie gebouwd. 

foto’s: (c) Škoda Press

Een kwarteeuw geleden begon met de Škoda Felicia een nieuw hoofdstuk in de geschiedenis van de constructeur. Het bedrijf had de Favorit, Forman en Pick-up visueel gemoderniseerd toen het in 1991 toetrad tot de Volkswagen-groep. De introductie van de Škoda Felicia bleek echter een keerpunt voor: bij de technisch veeleisende herontwikkeling van zijn voorganger werden 1.187 nieuw ontwikkelde voertuigonderdelen gebruikt. De modelvarianten hatchback, Combi, Pick-up, Vanplus en Fun combineerden moderne technologie en een fris design met een ruim interieur en een aantrekkelijke prijs-kwaliteitverhouding.

Gedoopt met Vltava-water

Op 5 september 1994 begon de preproductie met de eerste 50 prototypes in de fabriek van Vrchlabí. De ervaring die werd opgedaan met het maken van deze voertuigen hielp om het bouwproces voor de Škoda Felicia te optimaliseren in Mladá Boleslav, waar de productie begon op maandag 17 oktober. Het eerste productiemodel liep van de band om 10 uur 20 van dezelfde dag. Negen dagen later, op 26 oktober 1994, onthulde Škoda drie nieuwe Felicia hatchbacks aan het publiek, gelakt in de kleuren van de Tsjechische nationale vlag. De toenmalige burgemeester van Praag doopte ze op de Karelsbrug met water uit de Vltava (de Moldau).

Škoda had lang nagedacht over de naam voor het model: die verwijst in de eerste plaats naar de iconische cabriolet van het eind van de jaren 1950 en het begin van de jaren 1960. Verder is hij afgeleid van het Latijnse woord voor geluk: ‘felicitas’. Het was daarom niet meer dan normaal dat Škoda een van de eerste auto’s zou schenken aan het gezin Ondráček, dat op bijna hetzelfde moment als de doop van de Felicia een vierling had mogen verwelkomen. De basismotor was een benzineviercilinder met een inhoud van 1.289 cc, die afhankelijk van de versie een vermogen ontwikkelde van 40 kW (54 pk) of 50 kW (68 pk). In 1995 werd aan het gamma een krachtiger 1.6 MPI toegevoegd met 55 kW (75 pk) en een 1.9-dieselmotor met 47 kW (64 pk).

FELICIA-kitcarversie in het Rallywereldkampioenschap

De veelzijdigheid van de Škoda Felicia werd ook aangetoond door zijn autosportprestaties. Tussen 1995 en 1997 ging een equivalente kitcarversie van start in het Rallywereldkampioenschap, die in zijn eerste seizoen de derde plek in zijn klasse wist te veroveren. In 1996 kaapten de Zweden Stig Blomqvist/Benny Melander de derde algemene plaats in de Engelse RAC-rally en eindigden ze als eerste in de kitcarklasse van tot 2,0 liter. In 1997 veroverde Škoda met de Felicia de tweede plaats in zijn klasse in het Rallywereldkampioenschap.

In februari 1998 lanceerde Škoda de facelift van de Felicia. De productverbetering bestond uit hertekende moderne koplampen en een gepersonaliseerde grille. Dit nieuwe instapmodel nam de nieuwe designtaal over van de grotere en eerder gelanceerde Octavia. In juni 2001 eindigde de carrière van de Škoda Felicia nadat 1.401.489 exemplaren van deze modelreeks van de productielijn waren gelopen. Zijn opvolger, de in 1999 gelanceerde Fabia, zet zijn succes verder.

(persbericht/ed. wb)