“2017 was voor Zelos een mijlpaal”, zo vangt het persbericht dat we vandaag van bij Zelos binnenkregen aan. 2017 werd een mooi jaar voor Zelos en zijn moto-coureurs zoals Xavier Siméon (Moto GP), Livio Loi ( Moto3) en Barry Baltus (CEV).

Maar naast motorwedstrijden investeerde Zelos ook in de autosport, meer bepaald ontdekte men mede dankzij de samenwerking met het circuit van Mettet ook rallycross. Zo ontdekte men World RX en zeker ook RX2, zeg maar de laatste stap naar WorldRX, samen met onze landgenoot Guillaume De Ridder. Zelos wil nu een stap zetten zoals het dat vijf jaar geleden deed in motorsport en talentvolle rijders ondersteunen om door te groeien in rallycross. De Ridder is de eerste die op die manier zijn weg vond in rallycross en hij deed het prima in zijn debuutjaar dat hij afsloot op een derde plaats na de Fransman Cyril Raymond (kampioen) en de Brit Dan Rooke (vice-kampioen). Daarbij sloot onze landgenoot zijn seizoen in Zuid-Afrika op schitterende wijze af met een snelste ronde en enkele sublieme besttijden in de kwalificaties. De toekomst is nog niet zeker, maar doel is alvast om in 2018 in RX2 een gooi te doen naar de titel.

De Ridder zelf: “De komst van sterren als Petter Solberg, Mattias Ekström en Sébastien Loeb in de World RX heeft de rallycross-discipline een ‘boost’ gegeven. Elk jaar komt er meer publiek naar de wedstrijden voor het wereldkampioenschap. De topwagens evolueren: ze zijn spectaculair, accelereren van 0 tot 100 km/uur sneller dan een F1-wagen en zijn heel goed te sturen. De organisatoren hebben de mogelijkheden om de discipline verder te ontwikkelen goed gezien. Daarom hebben ze ook de tweede divisie een andere naam gegeven: RX2. Het is een echte show voor de toeschouwers die moeiteloos het verloop van een wedstrijd kunnen volgen: ze zien alles, de races zijn intens en kort en de eerste over de eindstreep heeft gewonnen!
In tegenstelling tot wat men denkt, moet je in rallycross hyper-precies en strategisch rijden. Tijdens de kwalificaties gaat het om de tijd over vier ronden. Die maakt uit of je naar de halve finales overgaat. Het komt er dus op aan gedurende om vier ronden performant te zijn, om vier kwalificatieronden te rijden zonder de minste fout te maken. Op de terreingedeelten is dat niet evident. In World RX en in RX2 gaat het om tienden van een seconde! En het is strategisch want de invoering van de ‘joker-lap’ heeft een nieuwe dimensie aan de discipline gegeven. Je moet als rijder het juiste moment kiezen om die verplichte langere ronde te maken. En ook: de tijd om je aan te passen aan het circuit is beperkt. Als je zoals ik dit jaar in RX2 niet de circuits kent, heb je maar twee keer vier ronden in de vrije training om ze te leren, de lijnen en details van de baan in je op te nemen en de juiste ‘set-up’ te kiezen. Dat is echt niet veel. Mijn ervaring als ingenieur en mijn kartervaring helpen me bij die set-up, terwijl mijn vermogen als rallyrijder om me snel aan te passen me helpt om de lijnen te vinden en om de voetangels in het parkoers te ontwijken. Bovendien moet je je banden sparen. Je mag per weekend immers maar acht banden (waarvan vier nieuwe) gebruiken. Het zijn superzachte banden die snel hun effectiviteit verliezen. Je moet er dus goed bij nadenken. Het is echt een manier van rijden die voldoening geeft. Het is een beetje zoals bij heuvelklimrace: vanaf de eerste meter moet je 100% zijn, niet de minste fout maken, koel zijn om het juiste moment te kiezen voor je joker-lap….dat alles vraagt een goede fysieke en mentale conditie. Damien Dupon helpt me heel veel op het gebied van mijn fysieke voorbereiding.”
De kalender voor De Ridder in RX2 vindt u hier.

Naast de steun voor De Ridder zette Zelos ook zijn schouders onder de Ladbrokes SRX-cup van Ssangyong. De eerste mono-merk-cup in rallycross, althans toch in België.  Een eerste seizoen dat alvast succesvol verliep aldus Zelos, met een tiental wagens per wedstrijd. De cup krijgt alvast een vervolg in 2018 met een combinatie van sprintwedstrijden tijdens het BK Rallycross  en uithoudingsraces.

(bron persbericht Zelos, foto J Dingenen)