Met de Zolder Superprix achter ons, ligt de nationale autosport enkele weken stil. Begin augustus is de Supercar Challenge alweer te gast in Assen, voor de Belcar is het wachten tot de 24 Uur van Zolder en Clio, TCR, BMW Racing Cups, Porsche Cup, BGDC… nemen nog iets langer vakantie. Onze rallyjongens die komen ook pas in september weer aan de start van een klassementsproef. Tijd voor een stand van zaken… die we opmaken na diverse gesprekken met rijders, teams en commerciële partners. Uiteraard hoeft u het niet eens te zijn met onze visie en staan wij steeds open voor een goed gesprek. Starten doen we met de drie Belgische kampioenschappen, het Belgian Rally Champioenship, de TCR Benelux en de Belcar Endurance.

De beste van de klas

Als er één kampioenschap op alle vlakken sterk scoort, dan is het wel het BRC of Belgian Rally Championship. Sportief zien we steeds een mooie deelnemerslijst, met diverse winnaars – vier in zes wedstrijden – en een zeer open titelstrijd tussen de drie grote tenoren. Bovendien scoort het Belgian Rally Championship ook sterk met een degelijke Tv-coverage, een meer dan professionele communicatie en heel wat publiek langs de kant van de KP’s. Het Belgisch rallykampioenschap kent met de R5-regelgeving ook een stabiele basis voor de komende seizoenen, met bovendien een mooie betrokkenheid van diverse invoerders zoals Skoda, Peugeot, Hyundai en Citroën. Wat betreft te verbeteren elementen die door de betrokkenen worden aangehaald, is vooral de kost – meteen gelinkt aan het relatief grote aantal wedstrijden, met name 9 – een vaak gehoorde opmerking. Maar ieder van de negen wedstrijden op de kalender heeft zo zijn charme, dus wij gaan zeker geen selectie maken… Alles bijeen is het BRC op dit ogenblik het sterkste kampioenschap van onze contreien.

Make the grid

De TCR Benelux heeft zeker heel wat troeven. De filosofie van TCR valt immers te vergelijken met die van GT3, met name heel wat diverse wagens en merken waarbij een goede BoP voor een mooie en evenwichtige strijd zorgt. Dat is ook het geval in de TCR Benelux, want de wedstrijden zelf zijn vaak mooie kijkstukken. Bovendien zien we heel wat jonge rijders, echte talenten, die de races uiteraard nog extra pigment geven

En de wagens, die zijn top, met onder meer Volkswagen, Seat, Peugeot en Opel, terwijl de teams zeker tot de betere in ons land behoren. Ook de organisatie, met name de communicatie van de TCR Benelux is prima, met een degelijke informatiestroom, voor, tijdens en na de meetings.

Jammer genoeg knelt het schoentje van de TCR Benelux… bij de aantallen. Met een startgrid van goed 10 wagens, afgelopen weekend zelfs minder, kan je niet van een succes spreken. Als we met rijders, teams en partners spreken, dan horen we één element naar voren komen, met name de kost gelinkt aan het type rijder op de startgrid. Het gaat in de TCR Benelux immers niet om de snelle gentlemen driver, maar wel om jonge wolven, die echter veelal niet over een goed draaiende KMO beschikken. Een Belgische invoerder verwoordde het nog anders: “Op dit ogenblik is er voor een TCR Benelux geen of een onvoldoende markt…” Tevens valt op dat vooral jonge Franstalige rijders aan de start verschijnen, met meer en meer Nederlanders, maar dat de jonge Vlamingen vooral uitblinken door hun afwezigheid, bij uitzondering van Sam Dejonghe als lid van het RNT uiteraard. Oplossingen lijken niet eenvoudig en ook zullen diverse ingrepen nodig zijn, maar daar werkt de organisator hard aan, zoals onder meer bleek uit dit gesprek: http://www.autosportwereld.be/2017/07/13/wat-met-de-tcr-benelux/

Hoe dan ook hopen wij als rechtgeaarde autosportliefhebber dat de TCR Benelux de groeipijnen overleeft en dat we de komende seizoenen nog kunnen genieten van deze mooie competitie.

 

Een sterk product

De Belcar Endurance is dan weer een geheel ander paar mouwen. Hier zien we een beproefd recept, met name een open reglement, met zeer diverse wagens uit uiteenlopende categorieën, waar iedereen zijn gading vindt. Met net iets minder dan 30 wagens op de startgrid van de voorbije wedstrijden lijkt de Belcar Endurance zeker in goede vorm, temeer dat de hoofdwedstrijd, de 24 Hours of Zolder een vol huis belooft, met bovendien een stevige Tv-coverage

Sportief zagen we ook drie verschillende winnaars in evenveel wedstrijden en de strijd in de diverse klassen is ook mooi om volgen. Daarnaast horen we in de paddock en we citeren letterlijk, “dat er een goede ambiance is, geheel niet agressief en dat de sfeer onder de deelnemende teams en rijders prima is.” Dat laatste is niet altijd overal het geval en draagt bij tot het welslagen van een serie.

Bij de vaak gehoorde opmerkingen, is de zeer beperkte communicatie naar de pers van de promotor. Het is zelfs zo dat de Franstalige pers zich niet meer welkom voelt en dus ook gewoonweg nog amper een woord voor het nationale uithoudingskampioenschap over heeft. Het antwoord dat er een ‘professioneel’ bureau aangesteld is, wordt stilaan meer een dooddoener dan een antwoord, zeker als we weten dat de voorbije jaren met Kronos, JC-Communications of in een verder verleden Peter de Sonville achter de pen, die communicatie wel goed en kort op de bal was! Want hoe vaak er ook getwitterd wordt, de klassieke media, met inbegrip van ondertussen de websites, zijn belangrijk voor alle betrokkenen van een dure sport als autosport. Hier ligt voor de Belcar dus nog werk te wachten.

Ook het format van open prototypes, GT’s en de normtijd is uiteraard voer tot gesprek en discussie, waarbij onze voorkeur naar een open strijd zonder normtijd met GT4 als hoofdklasse uitgaat. Maar dat is uiteraard gewoon onze visie…